Bewegen & gezondheid
Signalen van overbelasting bij mantelzorgers 10 juli 2025 Signalen van overbelasting bij mantelzorgers. Hoe herken je ze en wat kun je eraan doen?
Lees het verhaal
Veel mensen willen zo lang mogelijk in hun eigen huis blijven wonen. Dat voelt vertrouwd en veilig. Soms lukt dat niet meer goed alleen. Traplopen wordt zwaar, het huishouden kost te veel energie of het contact met anderen neemt af. Gelukkig biedt de gemeente verschillende vormen van hulp. Daarmee blijf je langer zelfstandig en voorkom je dat de zorg te zwaar wordt.
De gemeente biedt ondersteuning via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Deze wet helpt mensen die tijdelijk of blijvend moeite hebben om zelfstandig te wonen en mee te doen in de samenleving. Denk aan ouderen, mensen met een beperking of mensen die herstellen van een ziekte.
De Wmo regelt praktische hulp, aanpassingen in huis en ondersteuning bij het organiseren van je leven. De gemeente kijkt samen met jou naar wat je zelf nog kunt, wat mensen om je heen kunnen doen en waar professionele hulp nodig is.
Een van de meest bekende vormen van hulp is huishoudelijke ondersteuning. Een medewerker helpt met schoonmaken, stofzuigen, dweilen, de was doen of het bed verschonen. Soms helpt deze persoon ook bij het plannen van huishoudelijke taken of het op orde houden van de woning.
De gemeente bepaalt hoeveel uur hulp je krijgt. Dat hangt af van jouw situatie. Tijdens een gesprek kijkt de Wmo-consulent naar wat je zelf nog kunt doen en wat mantelzorgers al doen. Daarna volgt een voorstel voor passende ondersteuning.
Zelfstandig wonen betekent ook: zelf boodschappen doen, naar de huisarts of familie gaan. Als fietsen of autorijden niet meer lukt, kun je vervoer via de gemeente aanvragen. Veel gemeenten hebben een regiotaxi of deeltaxi. Deze rijdt van deur tot deur tegen een lage prijs.
Sommige gemeenten bieden ook een pas voor openbaar vervoer met korting, of een vervoersmaatje dat meegaat op afspraken. Zo blijf je mobiel en houd je contact met anderen.
Soms is het huis zelf het probleem. Een smalle trap, hoge drempels of een te kleine badkamer maken zelfstandig wonen lastig. De gemeente helpt dan met een woningaanpassing. Denk aan:
De gemeente bekijkt eerst of een eenvoudige oplossing mogelijk is. Soms is een verhuizing naar een gelijkvloerse woning beter dan een grote verbouwing. Ook daar kan de gemeente bij helpen.
Het aanvragen van zorg, het invullen van formulieren en het contact met instanties kost vaak veel energie. De gemeente kan ondersteuning bij administratie of regeltaken bieden.
Een cliëntondersteuner helpt gratis bij gesprekken met de gemeente of het zorgkantoor. Deze persoon kent de regels en denkt mee over de beste oplossingen. Je mag zelf een cliëntondersteuner kiezen.
Daarnaast zijn er vaak sociaal werkers of buurtteams in de wijk. Zij helpen bij vragen over geld, gezondheid, eenzaamheid of mantelzorg. Zo voorkom je dat problemen groter worden.
Thuis wonen betekent niet dat je altijd thuis moet blijven. De gemeente biedt vaak dagbesteding aan voor mensen die structuur, gezelschap of begeleiding nodig hebben.
Tijdens de dagbesteding kun je samen eten, creatieve activiteiten doen of bewegen. Er is altijd begeleiding aanwezig. Het doel is om actief te blijven, contact te houden met anderen en mantelzorgers te ontlasten.
Sommige gemeenten hebben ook inloophuizen of ontmoetingsplekken waar je zonder indicatie naartoe kunt. Daar kun je koffie drinken, spelletjes doen of een praatje maken. Dat helpt om eenzaamheid tegen te gaan.
Zorgt een familielid, buur of vriend voor jou? Dan is dat mantelzorg. Mantelzorg is waardevol, maar soms ook zwaar. De gemeente ondersteunt mantelzorgers met:
Veel gemeenten hebben een mantelzorgpunt of steunpunt mantelzorg waar je terecht kunt voor vragen en ondersteuning.
Hulp vraag je aan bij het Wmo-loket van jouw gemeente. Vaak kun je bellen, mailen of een formulier invullen op de website. Daarna volgt een keukentafelgesprek met een medewerker van de gemeente.
Tijdens dit gesprek bespreek je:
De medewerker maakt daarna een ondersteuningsplan. Hierin staat welke hulp je krijgt. Soms betaal je een eigen bijdrage via het Centraal Administratie Kantoor (CAK). Die bijdrage is meestal een vast, laag bedrag per maand.
Zelfstandig wonen vraagt soms om aanpassingen, maar met de juiste hulp hoeft dat geen probleem te zijn. De gemeente denkt graag mee over wat nodig is om het leven thuis prettig en veilig te houden.
Wacht niet te lang met hulp vragen. Een klein steuntje op tijd voorkomt dat de zorg later zwaarder wordt. En het zorgt ervoor dat jij, en de mensen om je heen, langer kunnen genieten van het leven thuis.
Soms lukt het (even) niet meer om alles zelf te doen. Denk aan boodschappen doen, het huishouden of je dag indelen. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zorgt dat je daar hulp bij krijgt. Zo kun jij langer, zelfstandig thuis wonen en blijf je onderdeel van de maatschappij. Wil jij meer weten over ondersteuning vanuit de Wmo? Lees dan hier verder.